
Van gesprekken naar een manifest
De constatering dat kunstenaars in het cultuurbeleid weinig prioriteit krijgen, was voor de makers van deze website een belangrijke reden om na te denken over een andere koers. Dat geldt in het bijzonder voor kunstenaars die buiten de traditionele culturele instellingen werken en hun artistieke kwaliteiten inzetten bij maatschappelijke vraagstukken. Zij zijn actief in de zorg, in buurten, rond duurzaamheid en ruimtelijke ontwikkeling en binnen uiteenlopende organisaties. Toch is hun positie in de vorming van het cultuurbeleid nog altijd bescheiden.
In 2021 ontstond daarom het idee om onze gedachten hierover te toetsen en verder toe te spitsen. We organiseerden vier brainstormsessies met mensen uit de cultuursector van wie we wisten dat zij vanuit verschillende invalshoeken iets aan deze discussie konden toevoegen. De bijeenkomsten vonden plaats in 2022 en begin 2023. Ze scherpten onze analyse aan en leverden nieuwe inzichten op. Op basis daarvan schreven we het manifest ‘Wij willen een ander cultuurbeleid’.
Cultuurbeleid loopt achter op de kunstpraktijk
De kern van onze kritiek is dat het cultuurbeleid onvoldoende aansluit bij de manier waarop de kunstpraktijk zich de afgelopen tijd heeft ontwikkeld. De maatschappelijke waarde van kunst wordt in beleidsstukken steeds vaker erkend, maar de waardering daarvoor vertaalt zich nog maar mondjesmaat in structurele programma’s en financiering. Kunstenaars die maatschappelijk actief zijn, zijn daardoor vaak aangewezen op tijdelijke projecten en incidentele middelen. Bovendien blijft het beleid sterk gericht op culturele instellingen en fondsen, terwijl de positie van de kunstenaars zelf veel minder aandacht krijgt.
Een gelijk speelveld en een lange adem
Wij pleiten daarom voor een gelijkwaardiger cultuurbeleid, waarin verschillende vormen van kunstenaarschap serieus worden genomen. Canonieke kunst, populaire cultuur en maatschappelijk gerichte kunst moeten niet langer volgens een impliciete rangorde worden gewaardeerd. Er is een gelijk speelveld nodig, ook bij de overheidsfondsen. Daarnaast moet de overheid verder kijken dan afzonderlijke projecten. Maatschappelijk kunstenaarschap vraagt om een langdurige en programmatische aanpak, waarin kennis wordt opgebouwd, ervaringen met elkaar worden verbonden en succesvolle werkwijzen kunnen worden voortgezet.
Daar hoort ook een nieuwe visie bij op de maatschappelijke waarde van kunst. Wat kan kunst betekenen voor zorg, leefbaarheid, duurzaamheid, veiligheid, ruimtelijke ontwikkeling en andere samenlevingsvraagstukken? Waar werkt de inzet van kunstenaars wel en waar niet? En welke voorwaarden zijn daarvoor nodig? Zulke vragen verdienen serieus onderzoek in plaats van algemene claims over ‘maatschappelijke impact’.
Van instellingenbeleid naar kunstenaarsbeleid
Tegelijkertijd gaat het om de positie van de kunstenaar zelf. Cultuurbeleid is nog te vaak instellingenbeleid. Kunstenaars komen vooral in beeld als uitvoerders of subsidieaanvragers, veel minder als professionals die mede richting kunnen geven aan het beleid. Een vernieuwend cultuurbeleid vraagt daarom om een gelijkwaardiger verhouding tussen kunstenaars, instellingen, fondsen en overheid.
Kunst en samenleving dichter bij elkaar
Uiteindelijk raakt dit ook aan een bredere kwestie: het maatschappelijk draagvlak voor kunst en cultuur. Een cultuurbeleid dat ruimte biedt aan uiteenlopende kunstpraktijken en aansluiting zoekt bij wat er in de samenleving gebeurt, kan kunst betekenis geven voor groepen die nu nog denken dat cultuur ‘niets voor hen’ is. Dat vraagt niet om het opgeven van artistieke kwaliteit of autonomie, maar om een bredere opvatting van wat kunst kan zijn, waar zij tot stand komt en voor wie zij van waarde kan zijn.
In het manifest werken we deze gedachten verder uit en doen we voorstellen voor een cultuurbeleid waarin kunstenaars, kunstpraktijk en samenleving veel nadrukkelijker met elkaar worden verbonden. Lees hieronder het hele manifest.

