s
Meer uit de categorie: Commentaren

Vijf strategieën voor de inzet van kunst en cultuur bij maatschappelijke opgaven

feb 20, 2024

We zien op steeds meer plekken dat kunstenaars en creatieven een rol spelen in de aanpak van allerlei maatschappelijke opgaven. We weten alleen nog zo weinig over wat wel werkt en wat niet.

Het aanpakken van grote vraagstukken vraagt een lange adem en continuïteit van middelen. Een probleem dat zich in de loop van vele jaren heeft kunnen ontwikkelen, los je niet in een paar maanden op.

Er zijn grofweg vijf strategieën om de inzet van kunstenaars en creatieven te versterken:

  1. De lange mars door de instituties
  2. De coalitie
  3. De beweging van onderop
  4. Transitiemanagement
  5. Artistiek onderzoek.

Het zijn geen elkaar volledig uitsluitende categorieën, maar ze verschillen wel in uitgangspunt.

1. De lange mars door de instituties

De lange mars door de instituties draait vooral om het introduceren van de artistieke methode, de kunstenaarsmindset of creatieve maakkracht – verschillende benamingen voor een vergelijkbare benadering – in de werkwijze van grotere organisaties. Het gaat daarbij om ministeries, bedrijven en andere instellingen die invloed uitoefenen op de totstandkoming van beleidsagenda’s en op de uitvoering van beleid. Achter deze benadering ligt de gedachte dat overheden en andere organisaties nieuwe manieren van denken en handelen nodig hebben. Bestaande routines en werkwijzen schieten steeds vaker tekort; artistieke en creatieve werkwijzen kunnen helpen om vastgeroeste patronen te doorbreken en nieuwe handelingsmogelijkheden te openen.

2. Coalitievorming

Om maatschappelijke vraagstukken effectief aan te pakken, is de betrokkenheid nodig van zo veel mogelijk relevante partijen: een brede coalitie die gezamenlijk naar oplossingen zoekt. Kunstenaars en creatieve makers kunnen daarin verschillende rollen vervullen. Zij maken een vraagstuk vanuit uiteenlopende perspectieven zichtbaar en invoelbaar, dragen bij aan het vormgeven van veranderingsprocessen en helpen nieuwe, soms onverwachte oplossingsrichtingen te ontwikkelen. Voorwaarde is dat zij vanaf het begin als volwaardige partners aan tafel zitten. Worden zij pas in een later stadium ingeschakeld, dan dreigt hun bijdrage te worden gereduceerd tot ‘een plaatje bij het praatje’. Gelijkwaardige samenwerking voorkomt bovendien dat zij slechts als uitvoerder of verlengstuk van de opdrachtgever worden gezien.

3. De beweging van onderop

De beweging van onderop gaat ervan uit dat maatschappelijke verandering tot stand komt als groepen mensen zich verenigen en het zelf anders gaan doen. Vanuit deze benadering zijn overheden niet altijd in staat maatschappelijke vraagstukken op de juiste manier aan te pakken. Zij moeten macht afstaan of ruimte bieden aan groepen burgers om het zelf te doen.

4. Transitiemanagement

Transitiemanagement is een strategie die ervan uitgaat dat het nieuwe moet worden gestimuleerd en voldoende sterk moet worden, terwijl het oude systeem langzaam destabiliseert en uiteenvalt. Op een gegeven moment krijgt het nieuwe de overhand en wordt het de norm, terwijl het oude wordt uitgefaseerd. Het grote probleem: hoe en wanneer weet je dat deze overgang daadwerkelijk plaatsvindt en hoe stuur je erop?

5. De artistieke houding en maatschappelijke opgaven

Wat betekent het voor de kunstenaar om maatschappelijk actief te zijn? Velen zetten hiervoor hun artistieke kwaliteiten in zonder het idee te hebben dat zij daarmee hun artistieke autonomie verliezen. Zij zien ook het benutten van het artistieke proces buiten de kunst als een artistieke kwaliteit.

Hopelijk doen we de komende jaren veel ervaring en kennis op over de verschillende manieren waarop kunstenaars en creatieven worden ingezet bij maatschappelijke opgaven. En gebeurt dat in een brede coalitie van onderzoeks- en beleidsinstellingen, zowel op landelijk, provinciaal als lokaal niveau. Want dat is nodig om er echt van te leren!

Een uitgebreidere versie van dit betoog staat in deze Nieuwsbrief van Joost Heinsius. In Cultureel Kapitaal, het online discussieplatform van het LKCA, schreef hij een aanvullend betoog over wat kunstenaars nodig hebben om hier volwaardig aan bij te dragen. Zij kunnen dat niet alleen: daarvoor is steun nodig van belangenorganisaties en intermediairs, zoals LKCA, Fonds voor CultuurParticipatieKunstloc en vele anderen. Ook moeten kunstenaars vanaf het begin worden betrokken; anders mogen zij pas aan het eind van de beleidsvorming nog even meepraten.

Vorig artikel Volgend artikel

Meer in deze categorie